Waarom zijn migranten en vluchtelingen extra kwetsbaar voor seksueel geweld?

interview Waarom zijn migranten en vluchtelingen extra kwetsbaar voor seksueel geweld?

Seksueel geweld, het kan iedereen overkomen. Sommige groepen lopen alleen meer risico. Denk bijvoorbeeld aan migranten en vluchtelingen. Daarom heeft het Europese PROTECT-project een animatiefilmpje gelanceerd, ter preventie van seksueel geweld tegen deze doelgroep. Marianne Cense (Rutgers-onderzoeker en betrokken bij dit project) is gespecialiseerd in jongeren en seksualiteit. Ze licht toe wat maakt dat jongeren uit migranten- en vluchtelingengemeenschappen kwetsbaar zijn voor seksueel geweld.

Vluchtelingen, maar ook sommige migrantengroepen, zijn vanwege hun maatschappelijke positie met weinig macht vaak een extra kwetsbare groep voor seksueel en gendergerelateerd geweld, met alle negatieve gevolgen van dien, legt Cense uit. Zo kunnen vluchtelingen in hun land van herkomst, tijdens de vlucht of in asielzoekerscentra, te maken krijgen met seksueel en gendergerelateerd geweld. De plegers zijn meestal mannen met macht die misbruik maken van de maatschappelijke positie van de slachtoffers. Cense: “Ze vragen bijvoorbeeld seks voor goederen in vluchtelingenkampen of misbruiken hun positie als militair in conflictgebieden. Seksueel- en gendergerelateerd geweld vindt ook binnen de gemeenschappen of families plaats, bijvoorbeeld doordat de mannen getraumatiseerd zijn door hun aandeel in de strijd in conflictgebieden.”

De plegers zijn meestal mannen met macht die misbruik maken van de maatschappelijke positie van de slachtoffers.

De rol van cultuur

Seksueel- en gendergerelateerd geweld heeft volgens Cense veel te maken met cultuur. In elke gemeenschap zijn er culturele factoren die geweld rechtvaardigen, vaak samenhangend met gendernormen: sociale normen over hoe mannen en vrouwen zich zouden moeten gedragen. Dit is dus niet uitsluitend geldig voor migranten- en vluchtelingengemeenschappen, ook de Nederlandse cultuur en gendernormen hangen samen met seksueel en gendergerelateerd geweld.

Marianne Cense

Marianne Cense (© Merijn Soeters)

Uit eerder onderzoek van Cense uit 2012 bleek al dat culturele achtergrond bijvoorbeeld een rol speelt in de opvattingen van jongeren met verschillende culturele achtergronden over seksuele grenzen. Het hangt daarentegen niet direct samen met het meemaken van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bij seksuele interacties en ervaringen met grensoverschrijdend gedrag zijn genderverhoudingen en de dubbele moraal ten aanzien van seksueel gedrag van jongens en meisjes leidend. Jongeren kunnen in verschillende risicosituaties terecht komen die volgens Cense samenhangen met hun seksuele motivatie en seksueel zelfbeeld. Genderrolpatronen – de dominante denkbeelden en bijbehorende gedragingen over jongens en meisjes – sturen vervolgens de interacties tussen jongens en meisjes.

Dominerende gendernormen zijn bijvoorbeeld het idee dat mannen recht hebben op seks en vrouwen verantwoordelijk zijn voor het aangeven van hun grenzen. Mannen horen volgens deze normen seksueel actief te zijn en vrouwen worden juist als ‘slet’ gezien wanneer ze seksueel actief zijn. Deze dubbele moraal is in Nederland in alle culturele lagen terug te vinden, ook onder migranten. In sommige migrantengemeenschappen heersen zeer strikte gendernormen rondom bijvoorbeeld maagdelijkheid en eer, verhaalt Cense.

Seksualiteit is taboe

Een andere factor die kwetsbaarheid vergroot is het zwijgen over seksualiteit. In alle gemeenschappen wordt de schuld van seksueel geweld nog te vaak bij slachtoffers zelf neergelegd. Schaamte speelt dan ook een grote rol bij (het stilzwijgen over) seksueel geweld tegen migranten en vluchtelingen. Sommige kwetsbare groepen, zoals jonge kinderen of mensen met een verstandelijke beperking, kunnen letterlijk geen woorden geven aan wat ze is overkomen. Seksueel misbruik komt niet in hun woordenboek voor. “Bij slachtoffers met een migrantenachtergrond heerst naast het taboe op seksualiteit, ook angst voor de gevolgen als seksueel geweld bekend wordt in de gemeenschap, zoals wraak, angst om geen partner te kunnen vinden of voor verstoting door de gemeenschap,” vertelt Cense. Dit leidt ertoe dat seksueel geweld niet altijd erkend en herkend wordt door zowel de slachtoffers als de omgeving. Cense onderstreept hierom dat het niet mogen en kunnen praten over seksualiteit de risico’s verhoogt van het voortduren van seksueel geweld.

Vrouw gordijn

Jonge vrouwen

Binnen migranten- en vluchtelingengemeenschappen lopen vrouwen en kinderen vaak het meeste risico op seksueel geweld. “Alleenstaande jonge vrouwen in asielzoekerscentra zijn kwetsbaarder voor gedwongen prostitutie en seksueel geweld door verschillende factoren,” legt Cense uit. “Denk hierbij aan: samenwonen met bewoners met trauma’s en/of mentale instabiliteit, hun onzekere toekomst, armoede, geen sociale steun, de weg niet kennen naar hulpverlening, de denkbeelden over alleenstaande vrouwen die mannen om hen heen hebben en de getalsmatige verdeling mannen/vrouwen in de centra.”

Hoge drempel

Volgens Cense is de drempel om aangifte te doen bij de politie tegen seksueel en gendergerelateerd geweld voor vluchtelingen hoog. Dit komt door wantrouwen tegen de politie en angst en onzekerheid over het wel of niet mogen verblijven in Nederland, waardoor slachtoffers vaak niet naar autoriteiten durven te stappen. Daarnaast zijn nieuwkomers meestal niet op de hoogte van hun rechten, weten ze niet goed waar ze hulp kunnen zoeken en hoe de hulpverlening in Nederland precies werkt.

Volgens Cense is de drempel om aangifte te doen bij de politie tegen seksueel en gendergerelateerd geweld voor vluchtelingen hoog.

Seksuele keuzes

Cense heeft met haar promotieonderzoek Navigating a bumpy road een model ontwikkeld hoe jongeren met diverse culturele achtergronden omgaan met seksualiteit. Haar onderzoek maakt zichtbaar hoe de seksuele keuzes van deze jongeren verbonden zijn met sociale normen en verwachtingen, met morele kaders en beschikbare verhalen, vaak ingebed of herbevestigd via sociale media. Uit dit onderzoek blijkt onder andere dat het voor migranten- en vluchtelingenjongeren complex is om rekening te houden met alle verschillende normen in de samenleving en tegelijkertijd met de verwachtingen en normen van hun familie.

Verschillende werelden

Migranten- en vluchtelingenjongeren krijgen te maken met verschillende, soms conflicterende, normen over seksualiteit: die van het thuisland en die van Nederland. Cense beargumenteert dat de seksuele ontwikkeling en het seksueel weerbaar worden voor jongeren die afwijken van de culturele norm in een samenleving een uitdaging is. Ze krijgen namelijk eerder te maken met negatieve oordelen en sociale stigma’s en komen bijvoorbeeld minder positieve rolmodellen tegen waarmee ze zich kunnen identificeren.

Kwetsbaarheid én kracht

Cense stelt ook dat het navigeren tussen twee of meer werelden niet alleen een kwetsbaarheid kan zijn, maar ook een kracht. “Jongeren ontwikkelen sterker hun eigen koers, omdat ze tegenwind ervaren en ze krijgen een grotere rijkdom mee aan opvattingen en normen. Ze raken zo meer bewust van wat ze willen en wat bij hen past.”

Als het gaat om seksuele gezondheidsbevordering, voorlichting en persoonlijke begeleiding van jongeren gelooft Cense in een aanpak waarbij er rekening wordt gehouden met de verschillende betekenis die jongeren geven aan seksualiteit. Zo kunnen adviezen en interventies voor jongeren uit migranten- en nieuwkomersgemeenschappen effectiever en herkenbaarder worden. Het animatiefilmpje van PROTECT-project is hier een goed voorbeeld van.

Aandachtspunt

Cense benadrukt het belang om diversiteit die er heerst binnen migranten- en vluchtelingengemeenschappen te benoemen en erkennen. Elk lid van zo’n gemeenschap kent een eigen verhaal. Volgens Stichting Vluchteling zijn de meeste migranten personen die vrij zijn om terug te keren naar hun thuisland wanneer ze dat willen. Vluchtelingen kunnen dit niet, totdat de omstandigheden in het land van herkomst veilig zijn. Soms worden personen echter onterecht bestempeld als migrant terwijl ze in feite vluchteling zijn. Cense: “De verhalen en achtergronden van migranten en vluchtelingen zijn divers en hierdoor vaak ook niet vergelijkbaar.” Ze legt uit dat de situatie van eerste-generatie-vluchtelingen bijvoorbeeld verschilt met de situatie van migranten die al meerdere generaties in Nederland wonen. Personen die hier namelijk al langer verblijven weten vaak beter hun weg te vinden in de Nederlandse samenleving en hebben een andere maatschappelijke positie dan eerste-generatie -vluchtelingen. Het is dan ook noodzakelijk om, zo goed mogelijk, een genuanceerd beeld neer te zetten en recht te geven aan alle diversiteit die er binnen deze groepen heerst, aldus Cense.

“De verhalen en achtergronden van migranten en vluchtelingen zijn divers en hierdoor vaak ook niet vergelijkbaar.”

Over PROTECT-project

Het animatiefilmpje is ontstaan uit het PROTECT-project dat het IOM (Internationale Organisatie Migratie) uitvoert, in samenwerking met Rutgers, Pharos en Arq. In het PROTECT-project worden sleutelpersonen uit migranten- en vluchtelingengemeenschappen opgeleid om seksueel geweld bespreekbaar te maken. Het animatiefilmpje van PROTECT-project is gericht op iedereen die als nieuwkomer te maken kan krijgen met seksueel en gendergerelateerd geweld. Het draagt bij aan het doel om hulpverlening aan slachtoffers van seksueel en gendergerelateerd geweld in migranten- en vluchtelingengemeenschappen te verbeteren. Het filmpje is informatief én kort (twee minuten), beschikbaar in 23 talen en tevens bruikbaar voor professionals die met migranten en nieuwkomers werken. Het PROTECT-project organiseert ook gratis informatiesessies, gegeven door ambassadeurs met een migratieachtergrond. Zo proberen ze migranten- en nieuwkomersgemeenschappen te empoweren en te informeren over seksueel geweld.

Over Marianne Cense

Marianne Cense is senior-onderzoeker en interventie-ontwikkelaar bij Rutgers. Als kwalitatief onderzoeker heeft Marianne diverse studies gedaan naar de manier waarop jongeren seksualiteit en seksueel grensoverschrijdend gedrag beleven en de betekenis die ze eraan geven. Haar meest recente onderzoek gaat over wat leerlingen willen aan seksuele vorming op school. Als interventie-ontwikkelaar is Marianne betrokken bij innovatieve projecten gericht op jongeren, zoals de online game canyoufixit.nl en de Lovebuzz: een interactieve les voor brugklassers.

Door: Kira Esparbé Gasca

Delen:

Reacties

Gerelateerde artikelen